Veteranen

met vijf jaren oorlog in hun rugzak zijn ze gegaan

op patriottische, avontuurlijke, religieuze  gronden

ze gingen want voelden zich met Indië verbonden

en waren door de dodelijk volkshaat begaan

 

met hen die onder Jappenhaat hadden geleden en

na de kampen door Bersiapfanaten zo werden bedreigd

dat het elk menselijk meebeleven overstijgt

duizenden werden vermoord ondanks hun gebeden

 

de bonte mengeling van ruim honderdduizend mannen

en vrouwen die streden vier jaren voor orde en vrede

werd na thuiskomst vaak beschimpt of gemeden

voelden zich voor het karretje van de politiek gespannen

 

dit weerhield niet duizenden mannen zich te melden

onder de vlag der Verenigde Naties alles te riskeren

om het Russisch/Chinese communisme in Korea te keren

en daarmee de democratie in Zuid Korea herstelden

 

nog waart de echo van de oorlog door het land dat tracht

zich op te richten uit nog niet geslechte puinhopen

als Indonesische paratroepen de regering nopen

troepen naar Nieuw-Guinea te zenden, een bezetting wordt verwacht

 

ze gingen weer, al of  niet vrijwillig, duizenden naar een strijd 

die geen oorlog heten mag maar hoe noem je dan ontbering

die je vechtend tegen para’s en muskieten in een oerwoud onderging

je trots bij terugkeer door politieke miskenning werd ontwijd

 

we prijzen het geluk dat de huidige jeugd ten deel valt

die over oorlog, honger, doodsangst slechts hoort of leest

edoch weinig weet over hoe zwaar het is geweest

voor generaties wier jeugd door oorlog werd verknald

 

om dat geluk in stand te houden stellen nog altijd in herhaling

mannen en vrouwen hun leven op het spel in barre oorden

ter bezwering van oorlog, onderdrukking, massamoorden

de jonge veteraan van nu verdient begrip, erkenning en waardering

 

Wim Jilleba

 

Uit “Onbereikbaar dichtbij”